UN keurmerken

Een summiere uitleg ten aanzien van UN-keurmerken en benodigde verpakkingen.

 

UN-keurmerken bij vaten, emmer, bussen, jerrycans, enz.

Een UN-keuring bestaat uit een reeks cijfers en letters.

Bijv. UN/1A2/X1.8/250/06/NL… of UN/X250/S/06/NL/…

 

 

Om een UN-certificaat te ontvangen moeten bepaalde procedures gevolgd worden. In Nederland mag alleen TNO dit keuren. De keuring gebeurd volgens de door UN (United Nations = Verenigde Naties) opgestelde norm. Vervolgens worden een aantal testen uitgevoerd; waaronder

 

Verpakkingsgroepen

Per gevarenklasse is er een indeling in drie verpakkingsgroepen. Voor onze verpakkingen zijn in de meeste gevallen enkel klasse 3 (brandbare vloeistoffen), klasse 6 (giftige stoffen) en klasse 8 (corrosieve stoffen) van toepassing.

 

a)     Brandbare vloeistoffen

In functie van hun gevaargraad voor het vervoer moeten de vloeistoffen van klasse 3 ingedeeld worden in één van de volgende verpakkingsgroepen:

I) verpakkingsgroep I               zeer gevaarlijke stoffen

II) verpakkingsgroep II             gevaarlijke stoffen

III) verpakkingsgroep III           stoffen met een geringe gevaarlijke graad

b)    Giftige stoffen

Afhankelijk van de mate waarin ze gevaarlijk zijn voor het vervoer moeten de stoffen van klasse 6.1 als volgt ingedeeld worden in drie verpakkingsgroepen

I) verpakkingsgroep I               zeer giftige stoffen

II) verpakkingsgroep II             giftige stoffen

III) verpakkingsgroep III           in geringe mate giftige stoffen

c)     Corrosieve stoffen

Afhankelijk van de mate waarin ze gevaarlijk zijn voor het vervoer moeten de stoffen van klasse 8 als volgt ingedeeld worden in drie verpakkingsgroepen

I) verpakkingsgroep I               zeer bijtende stoffen

II) verpakkingsgroep II             bijtende stoffen

III) verpakkingsgroep III           in geringe mate bijtende stoffen

 

Verpakkingen met X keurmerk zijn geschikt voor verpakkingsgroep I, II, III

Verpakkingen met Y keurmerk zijn geschikt voor verpakkingsgroep II, III

Verpakkingen met Z keurmerk zijn geschikt voor verpakkingsgroep III

 

Bepaling van de valhoogtes

a)     Voor vaste stoffen en vloeistoffen, indien de beproeving wordt uitgevoerd met de vaste stof of vloeistof die moet worden vervoerd worden of met een andere stof die in essentie dezelfde fysische eigenschappen bezit:

I) verpakkingsgroep I       valhoogte 1,8 meter

II) verpakkingsgroep II     valhoogte 1,2 meter

III) verpakkingsgroep III   valhoogte 1,2 meter

b)     Voor vloeistoffen, indien de beproeving wordt uitgevoerd met water:

I) verpakkingsgroep I       valhoogte 1,8 meter

II) verpakkingsgroep II     valhoogte 1,2 meter

III) verpakkingsgroep III   valhoogte 1,2 meter

I) verpakkingsgroep I       valhoogte in meter: densiteit x 1.5

II) verpakkingsgroep II     valhoogte in meter: densiteit x 1.0

III) verpakkingsgroep III   valhoogte in meter: densiteit x 0.6

 

Bepaling van de hydraulische drukproef

a)     Vloeistoffen mogen slechts worden geladen in verpakkingen die voldoende weerstand bieden aan de inwendige druk die zich in normale vervoersomstandigheden kan ontwikkelen. Verpakkingen waarop de voorgeschreven hydraulische drukproef vermeld staat, mogen slechts gevuld worden met vloeistoffen waar de dampspanning:

I) ofwel dusdanig is dat de totale manometrische druk in de verpakking bij 55˚C (dampspanning van de vervatte stof+ partiële druk van de lucht of van de andere inerte gassen – 100 kPa), bepaald bv de maximale vulgraad overeenkomstig onderafdeling 4.1.1.1. en een vultemperatuur van 15˚C, niet meer bedraagt dan 2/3e van de vermelde drukproef.

II) ofwel bij 50˚C lager is dan 4/7e van de som van de vermelde drukproef en 100 kPa

III) ofwel bij 55 ˚C lager is dan 2/3e van de som van de vermelde drukproef en 100 kPa

 

b)     Beproevingsmethode en toe te passen drukbeproeving

Hydraulische druk, zoals bepaald volgens één van de volgende methodes, moet:

I) ten minste gelijk zijn aan de totale manometrische druk in de verpakking (dwz de dampspanning van de vulstof + partiële druk van de lucht of andere inerte gassen – 100kPa) bij 55˚C, vermenigvuldigd met een veiligheidscoëfficiënt van 1,5. Bij de vaststelling van die totale manometrische druk wordt uitgegaan van de maximale vulgraad, opgegeven in 4.1.1.1. en een vultemperatuur van 15˚C; of

II) ten minste gelijk zijn aan de dampspanning van de te vervoeren stof bij 50˚C x 1,75 - 100 kPa; hij moet echter minstens 100 kPa bedragen; of

III) ten minste gelijk zijn aan de dampspanning van de te vervoeren stof bij 55˚C x 1,75 - 100 kPa: hij moet echter minstens 100 kPa bedragen.

 

c)     Bovendien moeten de verpakkingen die bestemd zijn om stoffen verpakkingsgroep I te bevatten gedurende 5 of 30 minuten, afhankelijk van het constructiemateriaal van de verpakkingen, onderworpen te worden aan een drukproef van ten minste 250kPa.

 

Geldigheidsduur

Een UN-certificaat is onder bepaalde voorwaarden onbeperkt geldig. 1x per dient er wel een controle uitgevoerd te worden door de bevoegde instantie. Er wordt nagegaan of de productie voldoet aan het geteste prototype.

 

Attentie:

Als wij u advies geven in verband met de benodigde UN-keurmerken en verpakkingen moet dit steeds gecontroleerd worden door de afvuller. De afvuller blijft te allen tijde de eindverantwoordelijke voor de afgevulde verpakkingen.